Voorbeelden van onderzoeken op dit kennisgebied

Effect transitie binnen gehandicaptenzorg op organisatie en medewerker

Als gevolg van de transitie binnen het sociale domein en de gehandicaptenzorg is er een nieuwe dynamiek in arbeidsfuncties ontstaan. De veranderingen stellen namelijk andere eisen aan medewerkers die de dagelijkse zorg en ondersteuning verlenen. Om zo goed mogelijk aan de nieuwe zorgvraag tegemoet te komen, wordt er veel geïnvesteerd in opscholing (naar een hoger opleidingsniveau), omscholing (naar andere competenties) en mobiliteit van medewerkers (naar andere functies). De Vereniging Gehandicaptenzorg Nederland (VGN) heeft Bureau Bartels gevraagd aanvullend arbeidsmarktonderzoek uit te voeren naar het effect van de transitie op de organisatie en haar medewerkers. Het rapport is gepresenteerd op de landelijke bijeenkomst van VGN (klik hier voor de PP-presentatie).

Onderzoek Besluit Bijstandverlening Zelfstandigen (Bbz)

Het Besluit bijstandverlening zelfstandigen 2004 (Bbz) richt zich op ondernemerschap. Vanuit de Bbz kan financiële ondersteuning worden geboden aan personen die vanuit een uitkering een bedrijf opstarten dan wel aan gevestigde ondernemers die (tijdelijk) in ‘economisch zwaar weer’ terecht zijn gekomen. De Bbz wordt door gemeenten uitgevoerd. Voorheen konden gemeenten de kosten van de Bbz (vrijwel) volledig ‘declareren’ bij het ministerie van SZW. Vanaf 2013 is echter de ‘normbatenregeling’ doorgevoerd. Deze regeling werkt zo uit dat gemeenten die relatief weinig van de door hen verstrekte Bbz-kredieten terugontvangen zelf een deel van de kosten hiervan voor hun rekening moeten nemen. Het ministerie van SZW heeft met de VNG afgesproken dat er een onderzoek verricht zal worden naar de effecten van de implementatie van de normbatenregeling. Daarmee dient inzicht te worden verkregen in (oorzaken voor) verschillen tussen gemeenten waar het gaat om de kosten en baten van de Bbz. Samenhangend hiermee dienen ‘good practices’ van de uitvoering van de Bbz geïdentificeerd te worden die als inspiratie voor andere gemeenten kunnen dienen. Bureau Bartels heeft dit onderzoek in opdracht van het ministerie van SZW uitgevoerd.

Maatregelen voor kinderen in armoede

Een aanzienlijk deel van de kinderen in ons land groeit op in een situatie van armoede. Dit kan een negatieve invloed hebben op de ontwikkeling van deze kinderen en daarmee de kansen op een volwaardige participatie aan de samenleving verkleinen. In het rapport ‘Kinderen en armoede in Nederland’ geeft de Kinderombudsman dan ook het advies om in te zetten op hulp die direct ten goede komt aan kinderen in armoede. Daartoe wordt in dit rapport het begrip ‘Kindpakket’ geïntroduceerd. Daarmee wordt een bundeling van voorzieningen bedoeld die rechtstreeks bestemd zijn voor kinderen in armoede. Om gemeenten te inspireren en te ondersteunen bij het (verder) ontwikkelen en implementeren van dergelijke Kindpakketten hebben we voor het ministerie van SZW onderzoek uitgevoerd naar de ervaringen met – en good practices van – kindpakketten. Na dit onderzoek heeft ons bureau ook een vervolgmeting uitgevoerd. In dit onderzoek is geinventariseerd welke gemeenten een kindpakket of een bundeling van kindvoorzieningen in natura met een soortgelijke strekking hebben. Daarnaast is de inhoud en het integrale karakter van het kindpakket, de doelgroep van het kindpakket en de wijze waarop deze bereikt wordt en de typen partijen die bij de uitvoering van het kindpakket samenwerken in kaart gebracht. Klik hier om de Kamerbrief over algemene zaken rondom armoede en schuldenbeleid te lezen.

Gemeentelijk armoede- en schuldenbeleid

Versterking van het armoede- en schuldenbeleid vormt een beleidsprioriteit voor het kabinet. Daarom zijn hiervoor ook extra middelen ter beschikking gesteld aan gemeenten. Daarbij is wel aan gemeenten gevraagd om deze middelen met name in te zetten voor kinderen die onvoldoende kunnen participeren en voor het versterken van een preventieve aanpak. De Tweede Kamer wilde graag inzicht krijgen in de vraag hoe dit in de praktijk verloopt en hoe gemeenten in het algemeen vorm en inhoud geven aan hun armoede- en schuldenbeleid. Het ministerie van SZW heeft ons bureau gevraagd om dit in kaart te brengen. Aan dit onderzoek hebben alle Nederlandse gemeenten deelgenomen. Daarmee hebben we dus een integraal beeld kunnen presenteren van bovenstaande wensen van de Tweede Kamer.

Arbeidsmarkt Zorg en Welzijn

In RegioPlus werken zestien regionale werkgeversorganisaties samen op het gebied van de arbeidsmarkt voor de Zorg en Welzijn & Maatschappelijke Dienstverlening, Jeugdzorg en Kinderopvang. Als landelijk platform faciliteert de stichting RegioPlus de regionale activiteiten van deze organisaties en het netwerk dat zij samen vormen. Voor de periode 2012-2015 heeft RegioPlus, samen met de aangesloten regionale werkgeversorganisaties, het strategisch arbeidsmarktbeleid vastgelegd in het programma ‘De Weg Naar Balans 2012-2015’. Voor de uitvoering van dit programma heeft het ministerie van VWS een bijdrage van 30 miljoen euro ter beschikking gesteld. Om zicht te krijgen op de voortgang en resultaten van dit programma hebben we in samenwerking met RegioPlus een monitoring- en evaluatiesystematiek ontwikkeld. Deze systematiek bestaat uit meerdere metingen in de tijd. Vanaf 2013 voeren we jaarlijks een voortgangsmeting uit.

AWBZ-transitie

Gemeenten hebben, vanuit de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo), een grote mate van vrijheid gekregen om zelf vorm en inhoud te geven aan het Wmo-beleid. Daarbij is ook de extramurale begeleiding binnen de AWBZ overgeheveld naar de Wmo waarbij tevens een bezuiniging van 5% van het budget doorgevoerd is. Om zicht te krijgen op de consequenties van deze AWBZ-transitie voor W&MD-organisaties hebben we daar, in opdracht van de MOgroep, onderzoek naar verricht. Daaruit bleek dat een ruime meerderheid van deze organisaties hiervan kansen signaleert. Deze kansen worden vooral gezien in het beter benutten van de expertise van de W&MD-sector, met name waar het gaat om ‘Welzijn Nieuwe Stijl’. Of deze kansen ‘verzilverd’ kunnen worden zal echter afhangen van de keuzes die gemeenten gaan maken om (bepaalde) de AWBZ-taken bij ‘AWBZ-erkende’ zorginstellingen neer te gaan leggen dan wel bij W&MD-organisaties.

Onderbewindstelling

Indien iemand vanwege zijn of haar lichamelijke dan wel geestelijke toestand niet in staat is om zelf de eigen financiën te regelen kan de kantonrechter desgevraagd deze persoon onder beschermingsbewind stellen. Ook verkwisting en problematische schulden vormen sinds kort gronden voor toepassing van beschermingsbewind. In de afgelopen periode zijn het aantal onderbewindgestelden en de kosten voor gemeenten sterk gestegen. Voor minder draagkrachtigen dienen gemeenten namelijk bij te dragen aan de kosten voor onderbewindstelling. In opdracht van het ministerie van SZW heeft Bureau Bartels de achtergronden van de toename van het aantal onderbewindgestelden en de daarmee gepaard gaande stijgende lasten voor gemeenten onderzocht. Ook hebben we expliciet aandacht geschonken aan de mogelijkheden die er zijn om de financiële zelfredzaamheid van onderbewindgestelden te versterken.

Arbeidsmarkt experimenten Jeugdzorg

De jeugdzorg is volop in beweging. Door de omvangrijke stelselwijzigingen en bezuinigingen verandert de sector in hoog tempo. Zo is vanaf 1 januari 2015 het nieuwe jeugdstelsel in werking getreden waarmee de gehele jeugdzorg onder verantwoordelijkheid van de gemeente is gekomen. Naast inhoudelijke vernieuwingen in de dienstverlening zal naar verwachting het aantal medewerkers in de jeugdzorg in de periode tot 2017 met ongeveer een kwart krimpen. Vanuit de sociale partners worden dan ook initiatieven ontplooid om werkgevers en werknemers te ondersteunen bij de gevolgen van bovenstaande ontwikkelingen. Een goed voorbeeld hiervan is het sectorplan dat door het ministerie van SZW gehonoreerd is. Vanuit dit plan is recentelijk een drietal experimenten in de Jeugdzorg goedgekeurd. In opdracht van FCB hebben we het verloop, de resultaten en leerervaringen van deze experimenten in kaart gebracht.

Proeftuinen in de Zorg en Welzijn, Jeugdzorg & Kinderopvang

Waar in de Zorg en Welzijn, Jeugdzorg & Kinderopvang (WJK) tot voor kort nog sprake was van personeelstekorten is inmiddels een omslag gemaakt naar een situatie met uitstroom van personeel. Het in balans brengen van vraag en aanbod op de arbeidsmarkt in deze sector vormt dan ook een grote uitdaging. Daartoe worden er initiatieven op het gebied van arbeidsmobiliteit ontplooid. Een goed voorbeeld daarvan is het project ‘Mobiliteit tussen Zorg en WJK’ dat door FCB en RegioPlus in uitvoering is genomen en financieel ondersteund wordt door het ministerie van VWS. In dit project staat een vijftal regionale proeftuinen centraal waarin innovatieve activiteiten worden ontplooid op het gebied van arbeidsmobiliteit. In opdracht van de Stuurgroep van dit project hebben we een evaluatie van deze proeftuinen uitgevoerd.

Armoedebeleid in Limburg

Armoede- en schuldenbeleid staat volop in de politieke en maatschappelijke belangstelling. De verantwoordelijkheid voor dit beleid is in de afgelopen jaren steeds meer bij gemeenten komen te liggen. De provincie Limburg overweegt om haar gemeenten te ondersteunen bij de uitvoering van hun armoede- en schuldenbeleid. Om hierover een onderbouwd besluit te kunnen nemen bestond er bij de provincie behoefte aan inzicht in het armoede- en schuldenbeleid zoals dat door Limburgse gemeenten wordt gevoerd en knelpunten die zich daarbij eventueel voordoen. De provincie Limburg heeft Bureau Bartels verzocht om hiernaar onderzoek uit te voeren.

Arbeidsverhoudingen

In de Nederlandse samenleving wordt groot belang gehecht aan goede arbeidsverhoudingen tussen werkgevers en werknemers. Het ministerie van SZW bewandelt dan ook verschillende ‘beleidssporen’ om de kwaliteit van arbeidsverhoudingen (nog) verder te verbeteren en te borgen. Naast wet- en regelgeving wordt daartoe ook specifiek instrumentarium ingezet zoals de subsidieregeling ‘Kwaliteit arbeidsverhoudingen’. Met deze regeling kunnen innovatieve projecten, die als doel hebben om een positieve bijdrage te leveren aan de kwaliteit van de arbeidsverhoudingen, ondersteund worden. Op verzoek van het ministerie van SZW hebben we deze regeling geëvalueerd. In de evaluatie hebben we aandacht geschonken aan de uitvoering van de regeling, de behaalde resultaten en lessen naar de toekomst.

Preventiekracht

ZonMw heeft in opdracht van het ministerie van VWS het programma ‘PreventieKracht Thuiszorg’ ontwikkeld en uitgevoerd. Doel van dit programma was om een bijdrage te leveren aan een kwalitatief hoogwaardige uitvoering van preventie en daarmee aan het bevorderen van de volksgezondheid. Daartoe heeft ZonMw subsidierondes georganiseerd waarvoor (consortia met) thuiszorgorganisaties een aanvraag konden indienen voor hun preventieprogramma’s. Ook zijn activiteiten ontplooid zoals de scholing van thuiszorgmedewerkers en de coaching van thuiszorgorganisaties bij de uitvoering van hun preventieactiviteiten. Op verzoek van ZonMw heeft Bureau Bartels het programma ‘PreventieKracht Thuiszorg’ geëvalueerd. Daarbij hebben we niet alleen aan de uitvoering en resultaten van dit programma aandacht besteed maar ook bredere lessen getrokken voor dit type programma’s.

Participatie onder druk

De sector Welzijn & Maatschappelijke Dienstverlening bevindt zich in een fase van grote veranderingen. In opdracht van de MOgroep heeft Bureau Bartels een onderzoek uitgevoerd naar de personele gevolgen van gemeentelijke bezuinigingen waarmee de sector geconfronteerd wordt. Ook is onderzocht wat dit betekent voor de transities waarmee ook de W&MD-sector te maken zal krijgen, zoals de overheveling van de AWBZ-begeleiding naar de Wmo, de decentralisatie van de Jeugdzorg en de Wet Werken naar Vermogen (die inmiddels is omgedoopt tot de Participatiewet). klik hier om het rapport in te zien.

Wmo-monitor Welzijn en Maatschappelijke Dienstverlening

Op 1 januari 2007 is de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) in werking getreden. Deze wet heeft als gevolg dat de marktwerking in de sector Welzijn en Maatschappelijke Dienstverlening (WMD) vergroot zal worden. In de thuiszorg heeft vergroting van marktwerking, zoals bekend, tot grote consequenties en tot veel onrust geleid. Sociale partners in de WMD willen mede daarom tijdig een vinger aan de pols houden over de effecten van marktwerking op de arbeidsmarkt in hun eigen sector. Bureau Bartels heeft op verzoek van FCB een monitor ontwikkeld om deze effecten op een systematische wijze in kaart te brengen. Dit houdt in dat een grote groep van WMD-organisaties wordt gevolgd om aan de hand van de ontwikkelde monitor op een gestructureerde wijze zicht te krijgen op de gevolgen van de Wmo. In het voorjaar van 2009 hebben we de monitor voor de eerste keer toegepast. In 2010 hebben we de resultaten van de herhalingsmeting opgeleverd.

Sociaal domein

Op het Sociaal Domein vinden momenteel verschillende decentralisaties plaats die grote gevolgen hebben voor gemeenten, aanbieders en hun medewerkers en cliënten/gebruikers van voorzieningen. Deze decentralisaties hebben betrekking op de Wmo, Jeugdzorg en de Participatiewet. Ook op terreinen waar eerder decentralisaties hebben plaatsgevonden voert Bureau Bartels onderzoeksopdrachten uit, zoals armoede en schuldhulpverlening.

Gepubliceerde rapporten

VGN Effect van transitie op organisatie en medewerker

Ministerie van SZW Vervolgonderzoek naar Kindpakketten

Ministerie van SZW Vervolgmeting aantal en kosten beschermingsbewinden

Ministerie van SZW Onderzoek naar alternatieven voor beschermingsbewind

Staatssecretaris SZW Kamerbrief Toezeggingen schuldenbeleid 1 juli 2016

Ministerie van SZW Verdiepend onderzoek naar de groep onderbewindgestelden

Aanbiedingsbrief aan de Tweede Kamer Verdiepend onderzoek naar de groep onderbewindgestelden

Ministerie van SZW Gemeentelijk armoede en schuldenbeleid_eindrapport

Ministerie van SZW Gemeentelijk armoede en schuldenbeleid_tabellenboek

Ministerie van SZW Eindrapport en casebeschrijvingen Kindpakketten

Provincie Limburg Provinciale rapportage gemeentelijk armoede en schuldenbeleid

MOgroep Monitoring awbz-transitie binnen welzijn & maatschappelijke dienstverlening

MOgroep Participatie onder druk